Nederlands

Ik spreek toch al Nederlands?

Het meervoud van 'slot' is 'sloten',
toch is het meervoud van 'pot' niet 'poten'.
Wie gisteren ging vliegen, zegt heden 'ik vloog',
dus zegt u misschien van wiegen: 'ik woog'.
Neen, want 'ik woog' is afkomstig van 'wegen',
maar... is nu 'ik voog' een vervoeging van 'vegen'?

En dan het woord 'zoeken' vervoegt men 'ik zocht'
en dus hoort bij 'vloeken' dan: 'ik vlocht'?
Alweer mis, want dit is afkomstig van 'vlechten',
maar 'ik hocht' is geen juiste vervoeging van 'hechten'.

Bij 'roepen' hoort 'riep', maar bij 'snoepen' geen 'sniep'.
Bij 'lopen' hoort 'liep' maar bij 'kopen' geen 'kiep'.
En evenmin hoort bij 'slopen': 'sliep',
want dat is afkomstig van het schone woord 'slapen'.
Maar zeg nu weer niet 'riep' bij het werkwoord 'rapen',
want dit komt van 'roepen' en u ziet het terstond:
zo draaien we vrolijk in een kringetje rond.

[Uit een gedicht van H. Hagers]

Je spreekt al tien jaar Nederlands. Op de basisschool heb je leren lezen en schrijven. Wat kun je dan nog leren op het gymnasium bij het vak NEDERLANDS? Heel veel. Kun jij denken zonder taal? Nee, dat valt niet mee. Je mag best iets weten over dat instrument waarmee je denkt. Je gaat beseffen hoe je denkt door je taal te ontleden. Dat noemen wij grammatica.
Natuurlijk ga je ook schrijven. En hopelijk leer je met jouw teksten anderen te informeren, te amuseren of te overtuigen. En je gaat lezen: om jezelf te informeren, te amuseren of … juist ja … om je te laten overtuigen. Ook ga je oefenen in spreken. En je gaat bewijzen dat jij goed kunt luisteren als anderen spreken.

Onderbouw
Via onze methode 'Nieuw Nederlands' leer je de fijne kneepjes van de grammatica kennen. Daar ga je gestructureerd van denken. En als je de regels van het Nederlands kent, zul je de regels van het Latijn of het Duits gemakkelijker onder de knie krijgen. Ook komen de lessen grammatica goed van pas als je zelf een verhaal moet gaan schrijven, een gedicht, poster of werkstuk. En in welk beroep hoef je nou nooit te schrijven?
Daarnaast besteden we aandacht aan literatuur, poëzie en waar mogelijk ook aan media als film, tv en kranten. In elke klas lees je in ieder geval vijf boeken.
Aan het einde van klas 3 heb je zeker zes keer laten horen hoe goed je hebt leren praten in spreekbeurten en presentaties.

Bovenbouw
In klas 4, 5 en 6 vergroot en verbeter je je taalvaardigheden. Je leert de verschillen tussen een uiteenzetting, een beschouwing en een betoog. Je gaat steeds moeilijkere artikelen analyseren. En je gaat je zelf ook eens wagen aan ferme teksten. Je weet waar je op moet letten. Zo kun je straks beoordelen of jijzelf of iemand anders goed kan schrijven en praten.
Bij de literatuurlessen lees je niet alleen moderne boeken, maar maak je ook kennis met ridderverhalen uit de middeleeuwen. Je leest een toneelstuk uit onze Gouden Eeuw. En je gaat naar de schouwburg, want toneel moet je niet alleen lezen maar ook zien. Je leert je eigen smaak kennen en ontwikkelen. Misschien houd jij wel veel van romantische boeken. Of lees je toch maar liever spannende? En ook bij de lessen Nederlands zul je merken: die klassieke cultuur kom je overal tegen.

Nuttige websites:
www.lezenvoordelijst.nl
www.digischool.nl
www.cambiumned.nl
www.kennisnet.nl